Open source legal AI: hoe Mike het gesprek over Harvey en Legora verandert

Een ex-Latham & Watkins-jurist bouwde in twee weken een open source kloon van Harvey en Legora, zette de code op GitHub en publiceerde de demo op mikeoss.com. De timing is ongemakkelijk. Harvey haalde in maart 2026 200 miljoen dollar op bij een waardering van 11 miljard dollar, Legora volgde een maand later met een waardering van 5,6 miljard dollar.

Bij TIL volgen we deze ontwikkeling al een paar weken. Niet omdat we denken dat Mike Harvey of Legora gaat verslaan, maar omdat de Mike-case een vraag op tafel legt die elke jurist die over legal AI nadenkt zich zou moeten stellen. Waar zit de werkelijke waarde van een legal AI-platform, en betaal je daarvoor of voor iets heel anders?

Wat Mike precies is, en wat Mike niet is

Mike is een open source legal AI-assistent die je zelf kunt downloaden van GitHub en op je eigen infrastructuur draait. De kernfunctionaliteiten zijn dezelfde als bij Harvey en Legora: een chatassistent die documenten leest en bewerkt, een projectvault waarin je dossierstukken bundelt, tabular review voor het bulksgewijs analyseren van documenten, en workflows met vaste instructies. Mike draait op de API's van Claude of Gemini, waarvoor je je eigen sleutel meebrengt en alleen tokenkosten betaalt.

Wat Mike niet is: een enterprise-product. Maker Will Chen geeft dat in een interview met Artificial Lawyer zelf aan. Mike is volgens hem geschikt voor kleine en middelgrote kantoren, terwijl er nog werk te doen is om hem op grote schaal in te zetten. Critici op Hacker News wijzen er bovendien op dat Mike geen toegang heeft tot betaalde jurisprudentiedatabases zoals die van Thomson Reuters. Voor diepgaand juridisch onderzoek blijft dat een fundamentele beperking.

Waarom dit nu speelt: de prijsdruk loopt op

De Mike-case landt in een markt waarin de prijs van legal AI fors stijgt. Above the Law beschrijft hoe Westlaw- en LexisNexis-klanten te maken krijgen met AI-upgrades die structureel 30 tot 50 procent boven hun bestaande contractprijs uitkomen, met opvolgende verhogingen bij elke verlenging. Tegelijk weigeren grote leveranciers vaak aan kleinere kantoren te leveren tenzij die het hele kantoor licentiëren. Het Amerikaanse kantoor Porzio Bromberg & Newman wilde toegang voor een handvol advocaten en kreeg van Thomson Reuters te horen dat het hele kantoor van rond de honderdtien advocaten licenties moest afnemen of helemaal niets. Die strategie raakt vooral middelgrote en kleinere kantoren hard.

In die context is de symbolische waarde van Mike groter dan de technische. Zoals James Harrison, voormalig IT-directeur bij Leigh Day, tegenover Legal IT Insider opmerkt: Mike maakt geen einde aan Harvey of Legora, maar verandert wel de toon van elke contractverlenging. Zodra een werkende open source-variant op GitHub staat, is de vraag bij verlenging niet meer of de tool magisch is, maar waar je precies een enterprise-prijs voor betaalt.

Onze analyse: waar zit de waarde van legal AI eigenlijk?

Hier zit volgens ons de kern. Als één jurist met behulp van Claude in twee weken de kernfunctionaliteit van een platform van 11 miljard dollar kan klonen, dan zit die 11 miljard kennelijk niet in die kernfunctionaliteit. Hij zit ergens anders.

Onze lezing: de waarde van Harvey en Legora bestaat uit vier componenten die Mike grotendeels mist. Eerst enterprise-grade beveiliging, certificeringen en bewezen incidentrespons. Daarnaast integraties met document- en e-discovery-systemen en met de bestaande IT-infrastructuur van een groot kantoor. Vervolgens de gespecialiseerde teams van legal engineers die workflows bij klanten bouwen en onderhouden. En als vierde: distributie en merk, inclusief de marketingcampagnes met Gabriel Macht uit Suits voor Harvey en Jude Law voor Legora.

Dat zijn allemaal echte dingen waar je voor kunt willen betalen. Ze zijn alleen niet hetzelfde als de software zelf. De Mike-case dwingt elke kantoorbestuurder om scherp te krijgen welk van deze vier elementen voor het eigen kantoor de werkelijke reden is om voor een dure suite te kiezen, en welk gewicht je daaraan toekent.

Drie strategische gevolgen voor jouw kantoor

Onze analyse leidt tot drie concrete gevolgen.

Eerst verandert de onderhandelingspositie van middelgrote en kleinere kantoren. Met een werkende open source-variant op GitHub kun je leveranciers vragen wat je precies extra koopt voor een seat-prijs van naar schatting rond de duizend euro per maand. Het antwoord moet specifieker zijn dan "AI". We zagen dezelfde dynamiek eerder dit jaar aan de modelkant, toen DeepSeek de prijzenoorlog inluidde. Nu speelt het op de toepassingslaag.

Ten tweede wordt vendor lock-in het centrale gespreksonderwerp. De vraag is niet langer of een leverancier een goed product heeft, maar of je je dossierstukken, prompts en custom workflows er weer uit krijgt als je weg wilt. Wij zien in onze begeleidingstrajecten dat dit punt structureel wordt onderschat in de inkoopfase. Vergelijk dat met de keuze van het UWV om Mistral te vervangen door Microsoft Copilot: zodra een organisatie eenmaal vastzit in een ecosysteem, is de stap naar een alternatief veel groter dan vooraf werd ingeschat.

Ten derde wordt zelf bouwen of zelf hosten een serieuze optie. Niet voor elk kantoor en niet voor elke use case. Maar voor specifieke, terugkerende interne taken kan een zelf gebouwde of zelf gehoste assistent op basis van open componenten goedkoper, veiliger en beter passend zijn dan een dure generieke suite. Dat vraagt wel om eigen inkoopdiscipline, security review en governance, want open source betekent meer eigen verantwoordelijkheid voor patching, licentie-compliance en security-vetting.

Wat dit betekent voor jou als jurist in de praktijk

Concreet zijn er drie dingen die je nu kunt doen.

Maak een lijst van wat jij en je collega's écht gebruiken in de legal AI-tool waar je kantoor voor betaalt. Niet wat de leverancier in de demo liet zien, maar wat er dagelijks open staat. Die lijst is de basis voor elke serieuze prijsonderhandeling.

Stel bij elke verlenging expliciet de exit-vraag. Hoe haal je dossierstukken, prompts, custom workflows en chatgeschiedenis weer uit het systeem als je over twee jaar wilt overstappen? Krijg dat op papier voordat je tekent.

Verken zelf, op kleine schaal, wat een open source-variant zoals Mike voor jouw werk kan betekenen. Niet als productieoplossing, wel als referentiepunt. Als een gratis alternatief 70 of 80 procent van de functionaliteit dekt, zegt dat iets over de prijs die je voor de resterende procenten zou moeten betalen.

Tot slot

Mike is geen Harvey-killer. Mike is een spiegel. Het project dwingt de juridische sector om scherp te krijgen wat er wel en niet wordt ingekocht, in een markt waarin enterprise-prijzen sneller stijgen dan de gemiddelde tariefstructuur kan dragen. Voor kantoren die structureel willen nadenken over hun eigen AI-stack, is dit het moment om dat gesprek te beginnen, niet bij een productdemo, maar bij een eerlijk gesprek over wat je daadwerkelijk nodig hebt.

Bij TIL begeleiden we kantoren bij precies die discussie. In onze cursus Bouw je eigen AI-assistent leer je hoe je voor je eigen praktijk een werkende AI-assistent opzet, zodat je aan tafel met leveranciers vanuit een geïnformeerde positie onderhandelt in plaats van vanuit afhankelijkheid. Boek een plek en zet de eerste stap richting eigen regie over je AI-stack.

Volgende
Volgende

Sneller en beter? Niet zonder de juiste vraag