Generatieve AI bij juridische afdelingen loopt voor op het beleid
Generatieve AI is in 2026 een standaardinstrument op Nederlandse juridische afdelingen: vrijwel alle General Counsel gebruiken het, vooral voor het samenvatten van documenten, contractwerk en juridisch onderzoek. Dat blijkt uit de State of the Dutch General Counsel 2026, de tweejaarlijkse benchmark van General Counsel Netherlands onder 149 General Counsel en Chief Legal Officers. Hetzelfde rapport laat zien dat ruim een derde van hen geen duidelijk standpunt heeft over AI-gebruik door de advocatenkantoren die ze inschakelen. Bij TIL zien we in dat verschil de belangrijkste uitkomst van het onderzoek. Het gebruik is ingevoerd, de afspraken eromheen lopen achter.
Generatieve AI bij juridische afdelingen is gewoon gereedschap geworden
De cijfers zijn eenduidig. Volgens het GCN-rapport gebruikt 28,2 procent van de afdelingen generatieve AI breed voor veel werkzaamheden en 43,6 procent regelmatig voor bepaalde taken. Nog eens 26,9 procent zit in een pilot of experimenteert af en toe. Slechts 1,3 procent gebruikt het helemaal niet.
Ook de toepassingen zijn inhoudelijk. Van de afdelingen die AI gebruiken, zet 89,1 procent het in voor het samenvatten van documenten, 78,9 procent voor het opstellen en beoordelen van contracten en 65,3 procent voor juridisch onderzoek. Opvallend is het verschil met andere legal tech: 95,3 procent werkt met AI-systemen, terwijl een contractmanagementsysteem bij 47,7 procent in gebruik is. De onderzoekers verklaren dat vooral uit het gebruiksgemak en de zichtbare tijdwinst.
Twee kanttekeningen horen bij deze cijfers. Het gaat om zelfrapportage binnen de GCN-community, uitgevoerd door Motivaction, en dus om een beeld van de grotere organisaties: gemiddeld werken de respondenten bij een organisatie van ongeveer 13.850 fte. En het rapport meet of AI wordt gebruikt, niet met welke tool, in welke omgeving of onder welke voorwaarden.
Samenvatten is het populairste gebruik en ook het gevoeligste
Juist die laatste lacune maakt de lijst met toepassingen interessant. Wat een juridische afdeling samenvat, is vaak bedrijfsvertrouwelijk: contracten met wederpartijen, interne onderzoeksrapporten, correspondentie met toezichthouders. Werkt de afdeling met een advocaat in dienstbetrekking, dan kan ook het verschoningsrecht in het spel zijn.
Zulk materiaal hoort niet in een algemeen taalmodel. Samenvatten van interne documenten is alleen verantwoord in een afgeschermde omgeving met een verwerkersovereenkomst, zonder training op de ingevoerde gegevens en met duidelijke afspraken over waar de data staan. Het rapport benoemt zelf dat General Counsel vertrouwelijkheidsrisico's moeten beheersen en noemt hen naast gebruikers van AI ook degenen die het gebruik ervan moeten besturen. Onze lezing: de hoge score voor samenvatten zegt vooral iets over de noodzaak van een goedgekeurde werkomgeving. Een afdeling die geen omgeving heeft aangewezen, weet niet waar haar documenten terechtkomen.
Een derde heeft geen beleid voor AI bij externe advocaten
Het scherpste cijfer staat in het hoofdstuk over externe advocaten. Op de vraag hoe zij staan tegenover AI-gebruik door advocatenkantoren, antwoordt 37,6 procent van de General Counsel dat ze het aanmoedigen waar het kwaliteit of efficiëntie verbetert, 20,8 procent dat ze het toestaan onder waarborgen, 3,4 procent dat ze vooraf toestemming vereisen en 1,3 procent dat ze het verbieden. De grootste losse groep, 36,9 procent, heeft nog geen duidelijk beleid.
Dat valt samen met een verschuiving in het werk zelf. Ruim de helft van de respondenten (52,3 procent) zegt dat generatieve AI al heeft veranderd welk werk ze uitbesteden, en 59,1 procent wil vaker werken met alternatieve tariefafspraken, vooral om kosten beter te kunnen begroten. Die drie gegevens hangen volgens ons samen. Als een kantoor met AI sneller werkt, raakt dat direct de vraag wie die tijdwinst toekomt. Een afdeling zonder beleid kan daar bij het inkopen van juridisch werk niets over afspreken, en evenmin over wat het kantoor met de aangeleverde stukken in een AI-tool mag doen.
Daar komt bij dat aanbieders zelf voorwaarden stellen. Anthropic eist vanaf 12 november 2026 dat wie Claude gebruikt voor juridisch advies aan een individu de uitkomst laat beoordelen door een gekwalificeerde persoon en de ontvanger meldt dat AI is gebruikt, zoals we beschreven in onze bespreking van de nieuwe Usage Policy. Dat geldt alleen voor Claude, maar het laat zien dat transparantie over AI-gebruik in de keten een gewoon onderwerp van afspraken wordt.
Tijdgebrek remt de inrichting, terwijl AI-geletterdheid verplicht is
Het rapport geeft zelf de verklaring voor de achterstand: 49,7 procent noemt gebrek aan tijd als grootste belemmering voor innovatie, vóór besluitvorming en kosten (40,3 procent) en zwakke interne IT-ondersteuning (36,9 procent). Tegelijk is 69,8 procent van de General Counsel verantwoordelijk voor legal operations en technologie. Het GCN-rapport wijst er bovendien op dat de meeste afdelingen de komende twee jaar niet verwachten te groeien.
Dat uitstel heeft een juridische kant. Artikel 4 van de AI-verordening verplicht gebruiksverantwoordelijken sinds 2 februari 2025 om te zorgen voor voldoende AI-geletterdheid bij hun medewerkers. Volgens de vragen en antwoorden van de Europese Commissie over AI-geletterdheid gelden de regels voor toezicht en handhaving vanaf 3 augustus 2026, volstaat het niet om medewerkers alleen naar de gebruiksinstructies van een systeem te verwijzen en is het verstandig de genomen maatregelen intern vast te leggen. De Commissie bevestigt dat die plicht ook geldt voor organisaties waarvan medewerkers alleen een algemene tool als ChatGPT gebruiken, zoals we eerder bespraken bij de start van onze reeks Starten met AI in tien stappen. Hoe streng de nationale toezichthouders hier zullen optreden, is nog onduidelijk. Dat de verplichting bestaat, staat vast.
Een juridische afdeling die AI dagelijks gebruikt maar geen tijd vindt om scholing en werkafspraken te organiseren, zit daarmee in precies de situatie waar artikel 4 op ziet.
Aandachtspunten voor juridische afdelingen en hun advocaten
Voor de juridische afdeling zelf liggen vier stappen voor de hand. Wijs eerst aan in welke omgeving welk soort document mag worden verwerkt, en leg vast dat bedrijfsvertrouwelijke stukken alleen in een afgeschermde omgeving met verwerkersovereenkomst en zonder training op invoer terechtkomen. Neem daarnaast AI op in de richtlijnen voor externe advocaten: welke tools het kantoor mag gebruiken voor jouw zaken, in welke omgeving, met welke menselijke controle, en hoe tijdwinst terugkomt in de tariefafspraak. Leg verder per rol vast welke kennis medewerkers nodig hebben en wat de afdeling daaraan doet, zodat je aan artikel 4 kunt laten zien wat er gebeurt. Plan ten slotte de tijd daarvoor expliciet in, want het rapport laat zien dat het anders blijft liggen.
Voor advocatenkantoren is de boodschap van het rapport even concreet. Ruim de helft van de General Counsel moedigt AI-gebruik door kantoren aan of staat het onder voorwaarden toe, en de groep zonder beleid zal die vragen alsnog gaan stellen. Een kantoor dat zijn eigen AI-beleid op orde heeft, kan bij de eerste vraag van een General Counsel uitleggen welke tools het gebruikt, hoe vertrouwelijkheid is geborgd en wat het betekent voor de prijs.