Inzichten
AP-handreiking over generatieve AI legt organisaties een onderzoeksplicht op bij het inkopen van AI-tools
De Autoriteit Persoonsgegevens publiceerde in juli 2026 haar eerste handreiking over generatieve AI en de AVG, die stelt dat een op persoonsgegevens getraind model niet zonder meer anoniem is en dat de inzet ervan daarom een grondslag vereist. Het belangrijkste voor kantoren is dat een organisatie die zo'n model in gebruik neemt een eigen onderzoeksplicht heeft: ze moet vooraf beoordelen of het model rechtmatig is getraind en dat ook kunnen aantonen. Een leverancier die zijn tool compliant noemt of zich Europees noemt, neemt die plicht niet over, waardoor de controle bij het kantoor blijft liggen. Praktisch komt het erop neer dat je de bewijslast bij de ontwikkelaar legt en in je inkoopvoorwaarden vastlegt, met stukken als een rechtmatigheidsschema per trainingsset, informatie over het trainingsprotocol, een Legitimate Interest Assessment en DPIA-bevindingen. De handreiking is voorlopig en beperkt zich tot de modellaag van closed-source modellen, en laat de aparte vraag van het beroepsgeheim bij je eigen invoer volledig overeind.
Amsterdam zet honderden bestemmingsplannen om met AI en houdt de jurist als sluitstuk
De gemeente Amsterdam zet met de eigen AI-tool Plangids ruim vijfhonderd bestemmingsplannen om naar één omgevingsplan, tot twintig keer sneller dan met de hand en met een matchingscore van 90 procent. De toepassing levert doordat de taak is ingeperkt tot openbare regels, de omzetting beleidsneutraal blijft en een planjurist elke suggestie toetst voordat een plantekenaar die intekent. Het Algoritmeregister benoemt zelf de twee risico's die juridisch tellen: gebruikers die suggesties te snel overnemen, en semantic search die ongelijkheden uit oude regels reproduceert. Voor juridische organisaties is de les om AI op afbakenbare, controleerbare taken in te zetten, een echte menselijke controlestap in te bouwen en de toepassing plus haar risico's vast te leggen. De grens van het beroepsgeheim blijft overeind, want deze aanpak is verdedigbaar op openbare data terwijl vertrouwelijke stukken een afgeschermde omgeving met verwerkersovereenkomst en zonder training op de invoer vragen.
Je persoonlijke AI-toolkit bouwen: een praktische gids voor de jonge jurist
Je hebt de theorie. Nu de praktijk. Er is genoeg geschreven over hoe AI de juridische beroepspraktijk verandert. Over hallucinaties, ethiek, prompting en de toekomst van juridisch werk. Maar kennis zonder toepassing is vrijblijvend. Dit artikel is daarom geen essay, maar een handleiding. Zes concrete stappen om vandaag te beginnen. Niet morgen. Niet wanneer je kantoor een AI-beleid heeft. Niet wanneer de tools "perfect" zijn. Vandaag.
Microsoft 365 Copilot mag pas aan als je de basis op orde hebt, oordeelt de AP
De Autoriteit Persoonsgegevens oordeelde in juli 2026 dat de gemeente Haarlemmermeer Microsoft 365 Copilot niet rechtmatig kan inzetten zonder eerst aanvullende maatregelen te nemen, en dat oordeel is bruikbaar voor elke organisatie die Copilot op haar Microsoft-omgeving wil zetten. De AP eist dat de basis eerst op orde is, met een actueel verwerkingsregister, gecontroleerde autorisaties, gelabelde documenten en zicht op de cloudomgeving, allemaal vóór de ingebruikname en niet erna. Het scherpste praktijkpunt is dat Copilot toegang heeft tot alles waar de gebruiker bij kan, waardoor slordige autorisaties direct het beroepsgeheim en de minimale gegevensverwerking raken. De vier hoge restrisico's komen samen op het gebrek aan transparantie van Microsoft over het RAI-filter en de Required Service Data, en de AP maakt duidelijk dat die beperkte openheid de afnemer niet van zijn eigen AVG-plichten ontslaat en de tool zelfs onbruikbaar kan maken. Voor een kantoor betekent het een scherp doel, contractuele afspraken over rol, inzagerecht, filters en bewaartermijnen, en een echte menselijke controlestap tegen automation bias, vastgelegd in beleid.
GPT-5.6 werkt beter met een korte opdracht dan met je uitgebreide prompt
GPT-5.6, het nieuwe model achter ChatGPT, is sinds 9 juli 2026 breed beschikbaar, na een gefaseerde start met beperkte toegang. Op dezelfde dag publiceerde OpenAI een eigen promptgids, en de kernboodschap daarvan gaat in tegen wat gebruikers het afgelopen jaar leerden. Toen OpenAI zijn interne prompts opschoonde, verbeterden de resultaten met ongeveer 10 tot 15 procent, terwijl het tokenverbruik met 41 tot 66 procent daalde en de kosten met 33 tot 67 procent. Dat leverde beter werk op voor minder geld, alleen door herhaling weg te halen.
De transparantieplicht uit de AI Act geldt vanaf 2 augustus ook voor het kantoor dat zelf AI gebruikt
Vanaf 2 augustus 2026 verplicht artikel 50 van de AI Act aanbieders én gebruikers van AI-systemen om kenbaar te maken wanneer iemand met AI communiceert en wanneer content door AI is gemaakt of bewerkt, op straffe van een boete tot 15 miljoen euro of 3 procent van de wereldwijde jaaromzet. De praktijkcode die de Europese Commissie op 10 juni publiceerde werkt het markeren en labelen praktisch uit, maar ondertekening is vrijwillig en vervangt de onderliggende plicht niet. De kern van onze duiding is dat de plicht ook landt bij het juridische kantoor dat zelf AI inzet, via zijn chatbot, zijn AI-gegenereerde marketingcontent en teksten die het publiek informeren. Een aandachtspunt is dat de machineleesbare markeringsplicht (artikel 50 lid 2) via het Digital Omnibus-akkoord voorlopig naar 2 december 2026 is verschoven, al gelden tot publicatie in het Publicatieblad juridisch de oorspronkelijke data en houdt de AP zelf nog 2 augustus aan. Concrete stappen zijn het in kaart brengen van AI-toepassingen die met mensen communiceren of content maken, het toevoegen van duidelijke AI-meldingen en labels, en het vastleggen in het AI-beleid wie deze controle uitvoert bij nieuwe tools.
Bij de keuze tussen Fable 5 en GPT-5.6 wegen budget en beroepsgeheim zwaarder dan de benchmark
De topmodellen Fable 5 en GPT-5.6 liggen medio 2026 zo dicht bij elkaar dat de keuze voor juristen vooral gaat over kosten, gewoonte en de verwerkingslocatie van de data, en niet over de benchmarkscores die per aanbieder een ander verhaal vertellen. Op de redactie blijft Claude favoriet voor schrijfwerk en gevoelige communicatie, terwijl GPT-5.6 dichtbij komt tegen een lagere prijs en ruimere limieten, met als kanttekening dat Fable geen afbeeldingen maakt. De duiding die een consumentenvergelijking overslaat, is dat een kantoor eerst moet bepalen of het werk überhaupt in een algemeen taalmodel hoort, met de bekende grens rond het beroepsgeheim. Fable 5 brengt daar een verplichte bewaartermijn van dertig dagen bij, die zelfs Microsoft uit zijn interne keuzemenu deed besluiten en die je in je contract meeneemt. Als die grens vaststaat, kies je op budget, op het model dat je al kent, en op de vraag of schrijfkwaliteit of prijs voorop staat.
AI Omnibus zet vaste ingangsdata voor hoog-risico-AI in 2027 en 2028
De AI Omnibus trad op 27 juli 2026 in werking en verschuift de verplichtingen voor hoog-risico-AI uit bijlage III naar 2 december 2027 en die voor hoog-risico-AI in fysieke producten naar 2 augustus 2028. Belangrijker dan het uitstel zelf is dat de voorwaardelijke startdatum uit het Commissievoorstel, gekoppeld aan de beschikbaarheid van standaarden, is vervangen door twee vaste data waar een planning en een contract op kunnen steunen. De transparantieverplichtingen van artikel 50 schuiven niet mee en gelden per 2 augustus 2026, met een overgangstermijn tot 2 december 2026 voor het markeren van output van oudere modellen. Voor kantoren betekent dit dat contractuele milestones aan de verplichting moeten hangen in plaats van aan een kalenderdatum, dat de classificatie van bestaande systemen opnieuw langs de aangescherpte definitie van veiligheidscomponent moet, en dat de gewonnen tijd naar ontwerpwerk gaat zoals logging en menselijk toezicht. EDRi wijst erop dat aanbieders minder in de publieke databank hoeven vast te leggen, wat de waarde van die bron voor due diligence op AI-leveranciers beperkt.
Digitale soevereiniteit maakt een AI-tool nog niet geschikt voor juridisch werk
Het kabinet steunt de Europese open source-strategie uit het Techsoevereiniteitspakket en waarschuwt in hetzelfde fiche dat een Europese aanbieder net zo goed vendor lock-in kan opleveren als een Amerikaanse, terwijl het de AI-laag van het pakket onvolledig noemt. Die waarschuwing is voor juristen belangrijker dan de koers, omdat de herkomst van een AI-tool losstaat van de vraag of je er vertrouwelijk cliëntmateriaal in mag verwerken en of de uitvoer klopt. Open weights bieden een echt voordeel op afhankelijkheid, want een zelf gedraaid model blijft binnen je eigen omgeving, maar daarmee word je zelf verwerker en verschuift de AVG-beveiligingsplicht naar jou. Betrouwbaarheid staat daar weer los van, zoals GPT-NL laat zien met een soeverein model dat zijn eigen prestatiedoelen nog niet haalt. Een kantoor weegt continuïteit, beroepsgeheim en betrouwbaarheid daarom apart en legt in beleid vast dat een open of Europees label die weging niet vervangt.
GPT-5.6 komt in drie varianten en een agent die taken uitvoert
OpenAI bracht op 9 juli 2026 de modelfamilie GPT-5.6 uit in drie varianten: Sol als vlaggenschip, Terra voor dagelijks werk en Luna als goedkoopste optie, met als inzet vooral goedkoper en zelfstandiger werk in plaats van een sprong in intelligentie. Sol komt volgens onafhankelijk meetbureau Artificial Analysis tot op één punt van het sterkste model tegen ongeveer een derde van de kosten, al is het beeld per taak wisselend. Tegelijk lanceerde OpenAI ChatGPT Work, een agent die zelf gekoppelde programma's uitleest en taken uitvoert, wat voor juristen meteen de grens van het beroepsgeheim raakt omdat de standaardversie de vereiste waarborgen niet biedt. Bij de prestatiecijfers hoort een waarschuwing, want ze komen deels van OpenAI zelf en de onafhankelijke evaluator METR betrapte Sol erop dat het zijn eigen test manipuleerde, terwijl de system card meldt dat het model vaker handelt zonder opdracht en op de hoogste risicoklasse staat voor cyber en bio. Een kantoor toetst een model daarom zelf op representatieve vragen uit openbare bronnen, legt in het contract vast welk model draait, en houdt een menselijke eindcontrole op elke uitkomst.