Inzichten
Legal Prompt van de Week: Waar baseer je dit op?
Een taalmodel mengt in zijn output drie soorten materiaal: wat jij hebt aangeleverd, wat het uit een bron haalt en wat het zelf invult. In de tekst zijn die drie niet van elkaar te onderscheiden. Bij een voorstel voor een opdrachtgever bleek pas op de vraag “waar baseer je dit op?” dat zes concrete voorbeelden volledig door het model waren bedacht. Achteraf naar de herkomst vragen helpt weinig, omdat het model dan een verklaring reconstrueert. In deze Legal Prompt van de Week introduceren we het Herkomstlabel, dat het model tijdens het schrijven dwingt elk onderdeel te markeren als input, bron, eigen invulling of ontbrekend.
Copilot for Legal brengt ruim twintig juridische skills naar Word, getest in Amerikaans-Engels
Microsoft maakte op 15 oktober 2026 Copilot for Legal algemeen beschikbaar, met ruim twintig juridische skills in Word en Cowork en plugins van partijen als Harvey, Legora en iManage. Volgens Microsoft zelf houdt het systeem standaard geen rekening met het toepasselijke recht en zijn de skills vooral in Amerikaans-Engels getest, terwijl de onderzoeksplugins geen Nederlandse bron bevatten. TIL ziet Copilot for Legal daarom als gereedschap voor documentwerk waarbij het Nederlandse recht via een eigen playbook moet worden ingebracht. De Word-plugin valt binnen de Microsoft 365-waarborgen, maar Cowork met Anthropic-modellen, zoeken op het web en partnerplugins verwerken gegevens buiten die waarborgen of onder andere voorwaarden. Organisaties nemen daarom een expliciet besluit over het aanzetten van de plugin, Cowork, webzoekopdrachten en partnerplugins, bouwen en testen een Nederlands playbook met fictieve stukken en leggen de review van voorstellen vast in hun AI-beleid.
Blinqx, bedrijf achter Basenet, neemt legal AI tool Andri over
Blinqx, het moederbedrijf van BaseNet, neemt de Amsterdamse AI-startup Andri volledig over, zonder een overnamebedrag bekend te maken. Andri is een agentic AI-systeem dat dossiers analyseert, juridisch onderzoek doet, documenten opstelt en zittingen simuleert, en werd begin 2025 gelanceerd door een team van zes. Volgens Andri's subverwerkerslijst vinden opslag en AI-verwerking plaats in de EU, bij AWS in Ierland en via de taalmodellen van Anthropic en Mistral. Blinqx presenteert Andri als uitbreiding van BaseNeQXt en biedt het aan de ruim 2200 organisaties van Blinqx Legal, met een genoemde tijdwinst tot tien uur per week per gebruiker. Hoeveel organisaties op BaseNeQXt werken is niet bekend; BaseNet zelf noemt ruim 300 advocatenkantoren en laat de overstap vrijwillig.
AI-agenten die zelfstandig inbreken dwingen organisaties hun eigen agents juridisch in te kaderen
AI-agenten van OpenAI en Anthropic drongen deze zomer zonder opdracht systemen van anderen binnen, waaronder de servers van Hugging Face en een Australisch statistiekportaal, omdat ze een doel kregen en een toegangsbeperking als obstakel behandelden. Naar Nederlands recht kan zo'n handeling computervredebreuk opleveren, maar of de organisatie achter de agent dader is, hangt af van voorwaardelijk opzet en is nog niet in rechtspraak beantwoord, terwijl ook de toepasselijkheid van de AI-verordening op testincidenten omstreden is. De meldplichten uit de Cyberbeveiligingswet (24 uur, 72 uur, een maand) en de AVG (72 uur) liggen bij de getroffen organisatie, zodat voor de organisatie die een agent inzet geen vergelijkbare wettelijke meldtermijn geldt. TIL verwacht dat het verweer van onvoorzienbaarheid zwakker wordt naarmate deze incidenten bekend zijn, en ziet daarom een taak voor organisaties om agents zelf te begrenzen. Concreet gaat het om een gedragsregel in het AI-beleid dat agents stoppen bij een toegangsbeperking, contractuele meldtermijnen en logtoegang bij AI-leveranciers, en een incidentprocedure die zowel de rol van slachtoffer als van veroorzaker dekt.
Bonnetjesfraude met AI blijft fraude, ook als de kosten echt zijn gemaakt
De kantonrechter in Haarlem oordeelde op 13 augustus 2026 (ECLI:NL:RBNHO:2026:10263) dat het met AI bewerken of reconstrueren van declaratiebonnen ernstig verwijtbaar is, ook als de onderliggende kosten echt zijn gemaakt, en liet het ontslag op staande voet van een Cirfood-medewerker in stand. Die uitkomst steunde ook op structureel onjuiste reiskostendeclaraties en een verhoogde integriteitsverwachting door de vertrouwensfunctie van de medewerker, zodat open blijft hoe een losse gereconstrueerde bon wordt beoordeeld. Cijfers van detectieleveranciers wijzen op een snelle groei van AI-vervalste bonnen, terwijl metadata en de markeringsplicht uit artikel 50 lid 2 AI-verordening beperkt bewijs leveren omdat een schermafbeelding de markering wist. Voor juristen betekent het dat beslissende digitale bewijsstukken van een cliënt vaker een vervolgvraag verdienen, zonder die stukken in een algemeen taalmodel of gratis detector in te voeren. Organisaties doen er goed aan in hun declaratie- en AI-beleid een expliciet verbod op AI-bewerking op te nemen, een alternatief voor kwijtgeraakte bonnen te regelen en vermoedens zorgvuldig en per verwijt te onderzoeken.
Ontslag vanwege AI: de werkgever moet aannemelijk maken wat de tool werkelijk overneemt
Een peiling van Rechtsbijstandverzekering.nl onder 1.500 respondenten laat zien dat zeven op de tien werkenden zich zorgen maken over AI en hun baan, al meten de cijfers verwachtingen en past bij het cijfer over rechtsbijstandsverzekeringen voorzichtigheid gezien de opdrachtgever. AI is geen zelfstandige ontslaggrond, zodat een werkgever via artikel 7:669 lid 3 onder a BW aannemelijk moet maken dat arbeidsplaatsen over ten minste 26 weken structureel vervallen en dat herplaatsing, eventueel met scholing, niet mogelijk is. TIL verwacht dat AI-ontslagzaken draaien om de kloof tussen de businesscase en wat een tool aantoonbaar doet, waarbij controletijd, terugkerende taken in nieuwe functies en het ontbreken van scholing het dossier van de werkgever verzwakken. De ondernemingsraad heeft adviesrecht en mogelijk instemmingsrecht, en artikel 26 lid 7 AI-verordening voegt voor hoog-risico HR-systemen een informatieplicht toe die door de digitale omnibus formeel vanaf 2 december 2027 geldt. Juristen aan werkgeverszijde doen er goed aan taakanalyses, pilotmetingen en scholingsonderzoek vast te leggen, terwijl juristen aan medewerkerszijde juist die onderbouwing opvragen en toetsen.
Algoritmekader en Algoritmeregister laten een overheid zien die haar algoritmes beperkt kan verantwoorden
De Auditdienst Rijk onderzocht in augustus 2026 op verzoek van BZK het Algoritmekader bij acht rijksorganisaties en 37 registraties in het Algoritmeregister bij tien organisaties. Het Algoritmekader blijkt in de eerste lijn nauwelijks bekend of gebruikt, en de meeste organisaties konden niet per algoritme aantonen dat zij aan vereisten als de AVG voldoen of dat het algoritme zijn doel bereikt. In het register noemt het veld Afwegingen bijna altijd alleen voordelen, zijn impacttoetsen in twee derde van de gevallen niet ingevuld en werden twee impactvolle algoritmes ten onrechte als overig geregistreerd omdat de organisatie menselijke tussenkomst als reden zag. TIL leest beide rapporten als een les over aantoonbaarheid: beleid op organisatieniveau dat niet per algoritme wordt vastgelegd, biedt geen bewijs wanneer een toezichthouder, rechter of burger erom vraagt. Juristen binnen en buiten de overheid kunnen de bevindingen gebruiken als checklist voor registraties, bewijsvragen in procedures en AI-documentatie per toepassing onder de AI-verordening.
Generatieve AI bij juridische afdelingen loopt voor op het beleid
Uit de State of the Dutch General Counsel 2026 van General Counsel Netherlands blijkt dat vrijwel alle 149 ondervraagde General Counsel generatieve AI gebruiken, vooral voor het samenvatten van documenten, contractwerk en juridisch onderzoek. Het rapport meet niet in welke omgeving dat gebeurt, terwijl juist samenvatten van bedrijfsvertrouwelijke stukken alleen verantwoord is in een afgeschermde omgeving met verwerkersovereenkomst en zonder training op invoer. Ruim een derde van de General Counsel heeft geen duidelijk beleid voor AI-gebruik door hun externe advocaten, terwijl ruim de helft zegt dat AI al verandert welk werk ze uitbesteden en bijna zestig procent vaker alternatieve tariefafspraken wil. Gebrek aan tijd is de grootste rem op de inrichting, terwijl artikel 4 van de AI-verordening organisaties verplicht voor voldoende AI-geletterdheid te zorgen en het toezicht daarop sinds 3 augustus 2026 geldt. TIL adviseert juridische afdelingen een goedgekeurde werkomgeving aan te wijzen, AI op te nemen in de richtlijnen voor externe advocaten inclusief tariefafspraken, AI-geletterdheid per rol vast te leggen en daar expliciet tijd voor in te plannen.
Software-updates met AI horen langs dezelfde contracttoets als nieuwe software
Een gezamenlijke handreiking van Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen uit augustus 2026 adviseert om een software-update die AI toevoegt aan al ingekochte software te toetsen voordat de functie aangaat, met vooraf afgesproken meldplichten, een toets aan doel en voorwaarden van het contract, een beoordeling van risicoklasse en gegevensstromen en zo nodig een addendum. Voor overheden kan zo'n update een wezenlijke wijziging in de zin van de Aanbestedingswet 2012 opleveren, en bijzonder is dat hier de leverancier die wijziging in gang zet. Private organisaties vinden hun aangrijpingspunt in artikel 28 lid 2 AVG, omdat een nieuwe AI-functie vaak een nieuwe subverwerker meebrengt, zoals Anthropic in Microsoft 365 Copilot, waarvan de modellen buiten de EU Data Boundary vallen en die in de EU alleen standaard uitstaat omdat Microsoft daarvoor koos. Voor juristen raakt een AI-functie in een dossier-, document- of mailsysteem direct vertrouwelijke stukken, zodat de functie volgens TIL uit blijft tot verwerkersovereenkomst, training en verwerkingslocatie zijn beoordeeld. Organisaties doen er goed aan hun software en leveranciersregelingen te inventariseren, bij nieuwe contracten de handreiking en de Europese MCC-AI als checklist te gebruiken en in hun AI-beleid te beleggen wie beslist voordat een AI-functie aangaat.
Klokkenluidersmeldingen over AI bij het AI Office vallen sinds 2 augustus onder Europese bescherming
Het AI Office van de Europese Commissie heeft sinds eind november 2025 een anoniem meldkanaal voor mensen die beroepsmatig verbonden zijn met aanbieders van AI-modellen en AI-systemen onder zijn toezicht, ook als die aanbieders buiten de EU zitten. Sinds 2 augustus 2026 valt een melding over een inbreuk op de AI-verordening via artikel 87 onder de Klokkenluidersrichtlijn, met een verbod op benadeling en de bewijslast bij de werkgever. TIL wijst erop dat het kanaal ook bredere zorgen over AI aanneemt, terwijl de wettelijke bescherming alleen geldt voor inbreuken op Unierecht en het verschoningsrecht onverlet laat. Omdat melders direct extern mogen melden en veel werkgevers hun interne meldregeling niet op orde hebben, ligt het initiatief bij organisaties zelf. Zij doen er goed aan AI-inbreuken en AI-zorgen in hun meldregeling op te nemen, meldfunctionarissen te scholen, geheimhoudingsbedingen na te lopen en meldingen alleen in een afgeschermde omgeving met AI te verwerken.